Vogeldagboek©


Vogelliefde

De liefde voor vogels heb ik van Gerrit. Mijn vader had ook vogels, postduiven, heel veel, ik 'mocht' vaak de bodem van de tillen ontlasten en heb (dus) nooit veel enthousiasme gevoeld voor postduiven.

Mijn broer had een uil, zorgde dat ik een kauw kreeg die ik tam maakte en had een volière. Die nam ik toen Gerrit het huis uitging over en bouwde zelfs een tweede. Decennia later kwam Gerrit terug naar onze geboorteplaats Oud-Alblas, woonde aan het Oosteinde en lokte tal van vogels naar zijn huis.

De lievelingsvogel van Gerrit was de knobbelzwaan. Hij kon zich enorm opwinden als hij merkte dat mensen vogels iets aandeden, en zwanen in het bijzonder. In augustus, precies op zijn 64ste verjaardag, is hij overleden.

De afgelopen jaren broedden er tal van vogelsoorten in zijn royale tuin. De grauwe vliegenvanger zagen we de laatste tijd niet meer, maar afwisselend vonden we nestjes van groenling, koolmees, pimpelmees, putter, vink, heggenmus, huismus, wilde eend, meerkoet, merel, zanglijster, winterkoning, tortelduif, misschien vergeet ik er nog wel.

Kort voor zijn dood ben ik nog een paar keer in zijn tuin wezen fotograferen. Er broedden gekraagde roodstaarten. Prachtige vogels die hij zelf niet zo vaak had gezien. Ik herinner me nog goed toen ik in mijn jonge jaren van de molen naar de school in het dorp fietste, ik er regelmatig zag in de knotwilgen langs het Oosteinde, vooral in het oostelijk deel.

Het mannetje was deze zomer volop bezig met het voederen van de kleine roodstaartjes, het vrouwtje was er niet bij. Maar dat was geen wonder, want ze zat inmiddels al weer op eieren voor het tweede broedsel, Gerrit heeft haar korte tijd later nog gezien met voedsel in de snavel.

De herinnering aan Gerrit en zijn liefde voor de vogels zal blijven. Op zijn grafsteen, die hij zelf heeft ontworpen, staat de afbeelding van een knobbelzwaan, de sierlijkste onder de vogels.

Gepubliceerd in Onze Waard, Najaar 2004, het blad van de Natuur- en Vogelwacht De Alblasserwaard