Recensies


Wat zingt daar?

Vogels herkennen aan hun zang en roep in Nederland en Vlaanderen


Tekst
D.M. de Vos en L.E.S.M. de Meersman

Tekeningen
Theo van Schie

Sonogrammen
Henk Meeuwsen en Dick de Vos

CD
Meeuwsen Natuurgeluiden

Uitgave
KNNV Uitgeverij, Zeist
2005, 176 pagina's, 16 x 22,5 cm
ISBN 90 5011 195 5

Prijs
€ 24,95 incl. cd

Website
Speciale website over boek:
Wat zingt daar?

Wat zingt daar

Wat zingt daar_1

BESPREKING

De meeste vogels herken je eerder aan hun zang en roep dan dat je ze ziet. Vaak hoor je een vogel in boom, struik of riet maar je ziet hem niet. Door zijn geluid weet je dat hij er moet zitten en dan is het de kunst hem tussen de begroeiing te ontdekken.

Het herkennen van vogels die voluit zingen, is met enige oefening prima te leren. Vogels produceren ook tal van roepjes: alarmkreten, contactgeluiden, trekgeluiden. Die zijn lastiger te onderscheiden. Van een koolmees bijvoorbeeld is bekend dat hij tientallen soorten geluiden voortbrengt.

Beginners kunnen het beste de geluiden van zichtbare vogels goed in zich opnemen. Hier geldt sterk: oefening baart kunst. Ken je eenmaal de zang en roep van de bekendste vogels, ga dan eens mee met een vogelexcursie of met een vogelaar. Op die manier leer je het meest van de moeilijkere soorten. En in het veld moet het toch gebeuren.

Er zijn series goede cd's en dvd's met vogelgeluiden. Ook op internet kan je vogelgeluiden vinden. Allemaal uitstekend en onmisbaar als ondersteuning om zang en roep te determineren. Ook in vgelgidsen worden vogelgeluiden omschreven, altijd summier. Nu is er een boek met een cd uitgebracht dat uitsluitend over vogelzang gaat: Wat zingt daar?

Het unieke van dit boek is dat Dick de Vos en Luc de Meersman een systematische determinatiesleutel hebben samengesteld om vogels aan hun zang te onderscheiden. Het gaat om vogels die je eerder hoort dan ziet. Zo vallen watervogels, steltlopers en roofvogels af: die herken je meestal op zicht. Helemaal consequent is de keuze misschien niet, maar de verklaring daarvoor van de auteurs is aanvaardbaar.

Zij hebben bestaande zangsleutels geanalyseerd en een nieuwe sleutel opgesteld voor de herkenning van honderd voornamelijk algemene soorten in Nederland en Vlaanderen. Ze hebben niet alleen een zangsleutel ontwikkeld maar het zelfs aangedurfd een roepsleutel te ontwikkelen. Mede door dit hoofdstuk is het boek ook interessant voor geoefende vogelaars.

De hoofdsleutel is ingedeeld in drie hoofdgroepen: Roep en roepvariaties met als onderdelen de gedurfde Roepsleutel en verder de Roepzang (voorbeeld zwarte kraai), de hoofdgroep Strofenzang met als deelsteutels Roffels, Motiefzang (koolmees), Identieke strofenzang (vink), Half-vrije strofenzang (gekraagde roodstaart) en Vrije strofenzang (merel).

De derde hoofdgroep is Continuzang: Monotone ratels of trillers (snor bijv.), Semi-continuzang (groenling) en Gevarieerde continuzang (veldleeuwerik). Per deelsleutel worden verschillende onderdelen van het geluid ontleed. Bij bijvoorbeeld Roffels of het volume zacht of luid is en de lengte, bij Roepzang de toonhoogte en aantal lettergrepen (1 lettergreep met grote toonhoogte bijv. de ijsvogel).

Vogelgeluiden met letters beschrijven is moeilijk, bijna onmogelijk. En de oren van de een horen wat anders dan die van een ander. Daarom kan je best twisten over sommige omschrijvingen. Zo had ik bijvoorbeeld de roep van tjiftjaf onder één element gezet en die van fitis onder tweedelig, voor mij is dat het kenmerkende verschil.

Behalve de bewonderenswaardige zangsleutels is van alle honderd soorten een pagina opgenomen met een jaarbalk in welke periode en een dagcyclus op welke tijden je ze vooral kan horen en een omschrijving van de roep en van de zang. Alles aanzienlijk completer dan in gewone vogelboeken.

Verder informatie over de zangpost, waar ze voorkomen, wanneer en met welke soorten hun zang of roep eventueel verward kunnen worden. Op de speels opgemaakte pagina's met foto en tekening van de soort staat ook nog een sonogram: grafische weergave van het geluid. Daarbij zie je onder meer dat het geluid van een sprinkhaanzanger hoog is (en zacht) en daarom voor ouderen moeilijk(er) te horen.

In de inleidende hoofdstukken wordt o.a. ingegaan op de vraag waarom vogels zingen ('ook voor hun plezier'), wanneer en waar, wat de invloed is van licht, weer en wind, hoe zingen ze en een technische verhandeling op welke manieren geluiden worden opgeschreven. Verder o.a. een begrippenlijst, een literatuuropgave en tabellen met zangactiviteiten per biotoop, per jaar en per etmaal.

Een boek over geluid zou niet compleet zijn zonder een geluiden-cd. Die zit er dan ook bij. Ten opzichte van het uitstekend verzorgde boek is het slordig om zo'n cd achterin het boek te plakken en in een simpel wit hoesje te stoppen wat kapot gaat bij het openmaken. Een leuke hoes met een mogelijkheid om de cd in het boek op te bergen zou een goede finishing touch van deze productie zijn geweest.

De kwaliteit van de geluiden is prima, zonder storende bijgeluiden. Het is geen cd waarop van alle honderd vogels hun complete repertoire aan zang en roepjes staat, alleen kenmerkende of afwijkende geluiden zijn opgenomen. Dat is jammer. Voor een compleet overzicht van zang en roep van deze soorten ben je nu toch nog aangewezen op andere geluidsverzamelingen.

SAMENVATTING

Een gedurfd en bijzonder interessant boek om vogelgeluiden in schema's onder te brengen. De zangsleutels lijken 'werkzaam' en vormen een prima hulp bij de herkenning van honderd soorten die niet altijd op zicht zijn te herkennen. Een uitstekend boek voor beginner en gevorderde vogelaar. Op de bijbehorende cd hadden de vogelgeluiden wat uitgebreider weergegeven kunnen worden.

26 september 2005

Recensies Vogels